Sprookjesland 


- weps Erik-

Het leven gaat door. En dus sta je een week later met je oppaskindje van bijna 4 bij opa op de stoep.

,,Waar is oma?''

,,Die is hier niet meer'', probeer ik.

,,Waar is ze dan?''

,,Ergens heel ver weg. Ze is heel erg ziek. Ze is zo ziek, dat ze nooit meer terugkomt.''

,,Oh. Is ze in het ziekenhuis?'' Er verschijnt een big smile op zijn gezicht. Tijdens de recente ziekenhuisbezoekjes aan oma kreeg hij altijd een ijsje.

,,Nee, niet in het ziekenhuis.''

,,Maar waar is ze dan?''

,,Ze is in een land hier heel ver vandaan. Een land waar zieke oude mensen naar toe gaan. Waar wij later ook naar toe gaan als we ziek en oud zijn.''

,,Oh. Mooi. Wat voor land?''

,,Sprookjesland.''

Opnieuw een big smile. Zo, dat volstaat, voorlopig. Sprookjesland, daar kan hij wat mee. Na het zien van de Shrek dvd stelt hij zich nu waarschijnlijk voor dat oma met alle andere sprookjesfiguren op visite is bij Shrek in het moeras en een dansje maakt tussen de dwaallichtjes.

Geplaatst op vrijdag, januari 28, 2005 om 21:21 uur.
Je kunt reageren. Tot nu toe is of zijn er: .


Sterfbed (slot) 


- weps Erik-

Mijn moeder is afgelopen nacht om 03.10 uur op 70-jarige leeftijd overleden.

Het ging heel vredig. Ze heeft geen pijn gehad tijdens het sluitstuk van haar vijftien jaar lang durende moedig gedragen kwaal (hartfalen) en blies haar laatste adem rustig uit. Bij kaarslicht, een verlicht sneeuwtafereeltje op de piano en met een wakende zoon en schoondochter aan haar zijde.

Terwijl haar adem steeds korter werd, weerklonken Duitse en Engelse evergreens op haar favoriete zender NDR 1. Frans Bauer zong over die Königin der Blumen. Mijn moeder was in 1957 de eerste Bloemenkoningin van Emmen.

Ze genoot van de laatste momenten met haar geliefden om zich heen. Ze kon, voordat haar stem het liet afweten, nog alles zeggen en regelen wat gezegd en geregeld moest worden.

Je zou kunnen zeggen: het is goed zo. Maar toch: ik mis haar nu al ...

Geplaatst op donderdag, januari 20, 2005 om 13:15 uur.
Je kunt reageren. Tot nu toe is of zijn er: .


Sterfbed (2) 


- weps Erik-

Er gebeurt een hoop aan je sterfbed. Vooral als er nog even tijd is, je met je snel aftakelende lichaam nog wel goed bij bent en een sterk doorzettingsvermogen hebt. Als je nog zo veel mogelijk mooie momenten wilt meepikken met de dierbaarste mensen uit je leven.

Die dierbaarste mensen doen er, met hulp van professionals uit de zorgsector, alles aan om de laatste fase voor jou zo prettig mogelijk te maken.

Een groot deel van die activiteiten bestaat uit het ‘afschepen’ van telefoontjes. Want het toestel rinkelt de hele dag door. Dat merk ik nu ik dagelijks bij mijn ouders ben om mijn moeder op haar sterfbed te verzorgen en begeleiden.

Allemaal goedbedoelende familieleden, vrienden en kennissen, die bellen. Natuurlijk begrijpen ze het, als ze te horen krijgen dat ze mijn moeder niet aan de lijn krijgen of dat ze niet langs kunnen komen, omdat mijn moeder het te vermoeiend vindt.

Moeilijker is het om de enkeling af te schepen, die al jaren niets van zich heeft laten horen en nu nog even mijn moeder wil spreken. Om nog even iets uit te praten, uit te leggen, goed te praten, bij te leggen, whatever.

,,Daar zijn ze nu te laat mee’’, zegt mijn moeder als ze er iets van meekrijgt. Ze klinkt niet eens verbitterd, als ze dat zegt. Het is gewoon zo. Mijn moeder heeft eenvoudigweg niets meer aan een herstelde relatie en heeft ook geen puf om er energie in te stoppen.

Hadden ze maar eerder gebeld, dan hadden beide partijen er nog iets aan gehad. Nu lijkt het er op dat het vooral het geweten van de beller zelf is, dat gesust moet worden. Beetje asociaal, als je er goed over nadenkt.

Maar veel tijd om ergens goed over na te denken heb ik niet. Eigenlijk zou ik nu niet eens een wepsje moeten typen. Het kan even, omdat mams nu lekker relaxed met de rest van haar dierbaren tv zit te kijken (ze zit even rechtop in bed).

Er is een item op het nieuws over een soort wormpje dat het leven kan verlengen. ,,Haal hem maar gauw op’’, roept mijn moeder. We blijven lachen.


Geplaatst op maandag, januari 17, 2005 om 20:06 uur.
Je kunt reageren. Tot nu toe is of zijn er: .


Sterfbed (1) 


- weps Erik-

Vorige week vloog ik het oude wepsennest uit om op deze plek een nieuwe te bouwen.

Op het moment dat ik er even voor ga zitten om het tweede wepsje nieuwe stijl te schrijven, over een humoristisch voorval in de voorbije eerste week van het nieuwe jaar, krijg ik een telefoontje. Zo'n telefoontje dat je liever niet krijgt. Over doktoren die tegen je moeder zeggen dat ze niets meer voor haar kunnen doen. Vrij vertaald: ze gaat snel dood.

In de huidige maatschappij kan de medische wetenschap veel, maar niet alles. Als je een zwak hart hebt, zoals mijn moeder, kunnen ze je leven nog best een jaar of tien rekken. Dat je geen zestig wordt, maar zeventig. Maar dan houdt het ook echt een keer op.

En dus krijg je dan de boodschap: 'we kunnen niets meer voor u doen'. Bam! Stel je eens voor dat de doktoren dat tegen je zeggen. Wat doe je dan? Ik weet het niet. Ik ben nog niet zo ver. Eerst maar even mijn moeder naar de wisse dood begeleiden.

Begeleiden naar de dood: hoe doe je dat? Wist ik ook niet. Ware het niet dat ik van de internetgeneratie ben. En gewoon 'stervensbegeleiding' op google intoets. Om vervolgens te leren dat luisteren het belangrijkste is. Hé. Hadden ze dat niet vaker tegen mij gezegd? Ja. Was ik nooit zo'n ster in. Maar nu is de tijd om radicaal en snel te veranderen. Ik verbaas me over het gemak waarmee dat gaat. Een stervende moeder doet wonderen.

Zodoende zit ik nu, met af en toe haar hand in de mijne, te luisteren aan het sterfbed van mijn moeder. Te luisteren naar haar verhalen, haar herinneringen, haar angsten, haar woede, haar groeiende berusting. Omdat ik het niet gepast vind haar verhalen, hoe boeiend ook, hier te publiceren, daarover geen woord. Zelfs de grapjes die we bij het sterfbed van mijn moeder maken, waar ze zelf het hardst om moet lachen, blijven onder ons.

Ik volsta hier met een link naar een wepsje over mijn moeder (En het wonder geschiedde -juli 2004). Die anekdote kan de mondhoeken alsnog ietsjes omhoog doen krullen. Bij mij wel, in ieder geval. Een klein beetje, dan. En heel eventjes maar.



Geplaatst op maandag, januari 10, 2005 om 01:25 uur.
Je kunt reageren. Tot nu toe is of zijn er: .


Piano 


- weps Erik-

We hebben al jaren een piano. Zo'n loeizware zwarte. Is al een paar keer met ons meeverhuisd, kan ik mij nog heel goed heugen.

'Kappler Coblenz' staat er op, in een goudkleurig vooroorlogs letterschrift. Dat ze vooroorlogs is blijkt ook uit de schrijfwijze van de Duitse stad Koblenz en uit het resultaat van het invoeren van serienummer 2011 in deze zoeklijst (Handig: werkt ook voor andere merken).

Zo lang we die piano al hebben, speelt mijn vrouw er niet meer op. Het massieve muziekinstrument kwijt zich prima van zijn taak als muurvullend meubelstuk en degelijke drager van dierbare foto's en andere prullaria. Een muzikaal altaar.

Vroeger speelde ze er wel op. En hoe. Dagelijks. Uren. Als ze niet van haar pianoleraar moest, moest ze wel van mijn schoonmoeder. Helemaal als de ooms en tantes op visite waren. Tsja, je hebt een wonderkind en je zal het laten horen ook.

Zodoende dacht ik altijd dat er een traumatische reden was voor de jarenlange hardnekkige weigering van mijn vrouw om op haar prachtige piano te spelen. Die gedachte werd gestaafd door de hapjes die van het ivoor af waren, ter grootte van een kindergebit. Je ziet het zo voor je, zo'n meisje met striemen op de rug dat alleen nog maar voorovergebukt piano kan spelen en haar pijn en ellende vergeet door zich letterlijk te verbijten.

Maar ik had het mis. Toen ik laatst weer eens indringend doorvroeg waarom ze nu, ver verwijderd van de gevreesde pianodictators, nog steeds niet speelt, kwam het hoge woord er uit: 'Iedere keer als ik speel hangen de katten binnen een minuut blèrend aan mijn rug.' De striemen waren dus niet afkomstig van het pianoleraarzweepje, maar van onze megakritische miauwers. En ja, zij kunnen het weten, katten hekelen als geen ander het naar hen vernoemde gejammer. Besefte mijn geliefde ook: 'Ik kan het blijkbaar niet meer, grrr!'

Maar terwijl ik dit verhaaltje schrijf, geniet ik toch van een klassiek pianodeuntje. Onze katten luisteren zachtjes knorrend toe. De pianostemmer is langsgeweest.


Geplaatst op maandag, januari 03, 2005 om 21:42 uur.
Je kunt reageren. Tot nu toe is of zijn er: .